De Noorse taal
Tja, het blijft toch een weblog over woorden, dus er moet natuurlijk wel iets over de Noorse taal te vinden zijn…
De term Noors dekt twee vooral op schrift gebruikte officiële standaardtalen (Bokmål en Nynorsk) en vele dialecten. Het is een Noord-Germaanse of Scandinavische taal met ongeveer 4,5 miljoen sprekers. Het Noors is nauw verwant aan de andere twee vasteland-Scandinavische talen, het Deens en het Zweeds. Deze drie talen zijn onderling redelijk verstaanbaar. Het Noors wordt geschreven met het Latijnse alfabet, waaraan na de z drie tekens zijn toegevoegd: Æ/æ, Ø/ø en Å/å. Deze worden gezien als aparte letters. De letters c, q, w, x en z worden nauwelijks gebruikt.
Kenmerkend voor het Noors is de melodie: het is een toontaal. Er bestaan twee verschillende tonen, en deze kunnen betekenisonderscheidend zijn. De zelfstandige naamwoorden bønder en bønner (de uitspraak is hetzelfde, op de plaats van de klemtoon na) betekenen respectievelijk “boeren” en “bonen” (het tweede woord kan overigens ook “gebeden” betekenen, afhankelijk van de context).
(bron: Wikipedia)