Gertjan mailt me:
Het valt me op dat wanneer een nederlands bedrijf een ‘making of’ uitbrengt van een reclamefilmpje, deze vaak ‘making off’ wordt genoemd.
Zouden ze daar dan ‘uitmaken’ of ‘afmaken’ mee bedoelen? 😉
Gertjan mailt me:
Het valt me op dat wanneer een nederlands bedrijf een ‘making of’ uitbrengt van een reclamefilmpje, deze vaak ‘making off’ wordt genoemd.
Zouden ze daar dan ‘uitmaken’ of ‘afmaken’ mee bedoelen? 😉
Hmm.. Taalgewijs wel interessant, dat Gertjan hier ‘making of’ als een soort zelfstandig naamwoord gebruikt. (” een ‘making of’ “).
Jos; dat gebeurt toch wel vaker? Ik heb tenminste op DVD’s wel eens “inclusief ‘making of’!” gezien als ik me niet vergis.
Ha Ries,
Dit was in ieder geval voor mij de eerste keer dat ik het zag met het lidwoord “een” ervoor, waardoor het net iets meer het karakter van een zelfstandig naamwoord krijgt dan in jouw voorbeeld.
Geef een reactie